John Stoel: ‘Het is nu tijd om voor de vereniging op de bres te gaan’

 

 

John Stoel is voorzitter van de CVAH afdeling Dordrecht. De afgelopen maanden heeft hij samen met collega’s van marktcommissie en marktmeesters, veel werk verzet om de schade als gevolg van de coronamaatregelen zoveel mogelijk te beperken voor alle kooplieden op de Dortse markten.

John heeft zijn leven lang op de weekmarkt gestaan met zijn friteswagen. Inmiddels heeft zijn dochter het stokje overgenomen, maar voor de CVAH is hij nog altijd actief als voorzitter van de afdeling Dordrecht. En dat doet hij met veel passie. Hij blikt terug op de afgelopen maanden. Nu de rust op de meeste markten is teruggekeerd en vrijwel iedereen weer zijn brood kan verdienen, vindt hij het tijd dat de vereniging het gesprek aan gaat met alle kooplieden die nog geen lid zijn.

Druk op de ketel

“Vanaf dag 1 van de coronacrisis heeft de vereniging keihard gewerkt om in het hele land zoveel mogelijk markten open te houden, of weer te openen, of als dat niet kon, andere standplaatsen te zoeken voor kooplieden. Hier in Dordrecht hebben wij er zelfs voor gezorgd dat kooplieden in winkels konden staan met hun waar. Wij hebben intensief overleg gevoerd met gemeenten, winkeliers en beleidsbepalers. We zijn voortdurend de discussie aangegaan met bestuurders, want we zagen dat in de ene plaats de markten deels door draaiden, terwijl andere markten werden gesloten. We hebben steeds gekeken waarom kan het wel op de ene plek en niet op de andere? En wat is dan wel mogelijk? We hebben telkens weer overleg afgedwongen met de betrokken partijen, we zijn discussies aangegaan, hebben vanuit verschillende hoeken naar de beperkingen gekeken en daar een creatieve oplossingen voor bedacht. Wij waren hier in Dordrecht denk ik de eerste markt met eenrichtingsverkeer. En zo hebben we steeds gezocht naar mogelijkheden om kooplieden zoveel mogelijk aan het werk te houden.”

Belangen verdedigen

“Als je terugkijkt hebben we echt bergen werk verzet en dat mag best wel eens gezegd worden. Al was het alleen al om kooplieden ervan bewust te maken dat het in roerige tijden als deze, zo belangrijk is dat je goed georganiseerd bent. Dat je als één man vecht voor het belang van de markt. Elke koopman zal nu toch inzien hoe belangrijk het is dat je een vereniging hebt die jouw belangen verdedigt. De CVAH heeft haar bestaansrecht de afgelopen maanden meer dan eens bewezen.”

4000 euro voor elke koopman

“Het is daarom nu tijd dat CVAH bestuurders en leden op de markt het gesprek aan gaan met elke collega die nog geen lid is. ‘Ben je al lid van de vereniging? Nee? Nou, dit en dit en dit heeft de vereniging allemaal voor de markt gedaan, dus ook voor jou. Zonder onze inzet had je waarschijnlijk helemaal niet kunnen werken. Had je geen inkomen gehad, geen steungeld. Dankzij de CVAH kregen kooplieden die aanvankelijk niet in aanmerking kwamen voor steunmaatregelen – omdat ze geen apart adres hadden voor hun onderneming – toch hun 4000 euro. De vereniging heeft ervoor gezorgd dat die beperking van tafel werd gehaald. Om maar eens een voorbeeld te noemen.”

Gewaardeerde gesprekspartner

“De vereniging heeft dankzij haar goede connecties met de politieke top onze belangen elke keer weer onder de aandacht weten te brengen. In Den Haag luisteren ze naar de CVAH. De CVAH is een gewaardeerde gesprekspartner. Daarom ging de marktsector – in vergelijking met andere sectoren – weer zo snel open en konden wij weer snel aan het werk. Dat mag wel eens een keer hardop gezegd worden. De centrale vereniging heeft de afgelopen maanden heel veel bereikt, niet alleen voor haar leden, maar voor alle kooplieden.”

Valse bescheidenheid

“Ik vind dat de bestuurders van de vereniging, van alle afdelingen, nu het gesprek moeten aangaan op hun markten. En zonder valse bescheidenheid laten zien wat ze de afgelopen maanden betekent hebben voor de markt. Zodat alle ondernemers die nog geen lid zijn van onze club, in ieder geval bewust zijn van wat wij allemaal voor hen hebben gedaan. Wij hebben de markt coronaproof gemaakt, nu moeten we de vereniging coronaproof maken. Ik ga alle de markten binnen onze afdeling langs om het gesprek aan te gaan met iedereen die geen lid is en vraag hen op de man af waarom ze geen lid zijn. Waarom ze gratis mee profiteren van al het belangrijke werk wat dankzij de leden is verzet.”

Van levensbelang

“Ik roep alle medebestuurders en leden van de marktcommissies op om dat ook te doen op hun markten. Want wat hebben wij als vereniging veel betekend voor de weekmarkten. Voor alle kooplieden, ook de niet leden. Het is nu tijd om dit te laten zien. Want de vereniging is van levensbelang voor ons allemaal en voor het voortbestaan van de weekmarkten. Dus spreek je collega’s aan, en als je dit lastig vindt, zoek een paar andere leden op en doe het samen. Maar laat je zien. Het is nu tijd om voor de vereniging op te komen.”