CVAH: De oplossing is om in heel Nederland de bestaande contracten voor onbepaalde tijd te respecteren.

 

’Markt gaat ten onder aan vergunningencasino’

Alarm! Kooplui in het nauw

Door Jorn Jonker en Roy Klopper

 

Zeewolde – Marktkooplieden zitten financieel in het nauw door de korte duur van hun standplaatsvergunning. Als nieuwe vergunningen niet minstens tien jaar geldig zijn, dreigt de voedsel- en warenmarkt uit het straatbeeld te verdwijnen. Daarvoor waarschuwt de Centrale Vereniging Ambulante Handel (CVAH).

Henk Achterhuis, voorzitter van de belangenclub, signaleert dat kooplieden in veel gemeenten slechts drie of vijf jaar zeker zijn van een plekje op de markt: „De ondernemer moet de garantie hebben dat hij zijn investeringen kan terugverdienen.”

Daarom moeten nieuwe vergunningen minimaal tien jaar geldig zijn, zo betoogt Achterhuis. Korter lopende overeenkomsten maken noodzakelijke investeringen voor kooplui volgens hem onmogelijk: „Een beetje verkoopwagen kost al snel enkele tonnen. Banken verstrekken hiervoor geen krediet als een ondernemer slechts drie of vijf jaar zeker is van een eigen stek op een markt.”

Fnuikend

Bovendien zijn de korte looptijden volgens de CVAH fnuikend voor de werkgelegenheid in de sector, waarin nu nog 20.000 mensen emplooi vinden. „Ondernemers bedenken zich wel een paar keer voordat ze vast personeel in dienst nemen als ze na drie jaar hun plek weer kwijt kunnen zijn. Eventuele ontslagkosten zijn fataal voor de doorsnee marktkoopman”, aldus Achterhuis.

De SGP-fractie in de Tweede Kamer springt in de bres voor de bedreigde markt. „Het zal toch niet zo zijn dat Brussel onze marktkoopmannen aan een vergunningencasino overlevert?”, aldus Kamerlid Chris Stoffer. Hij wil staatssecretaris Keijzer (Economische Zaken) volgende week vragen om met de sector en de gemeenten te overleggen over een minimumtermijn van tien jaar. „Marktkooplui werken in weer en wind. Dan mogen wij hen nu niet in de kou laten staan”, aldus Stoffer.

De CVAH wijst erop dat de markt al onder druk staat: het aantal ambulante ondernemers halveerde de afgelopen tien jaar tot de huidige 11.000. De belangenvereniging voorspelt verdere afkalving als ondernemers niet meer lucht krijgen: „Te vaak wordt gedacht dat de markt toch wel overleeft. Maar dat dacht iedereen ook van V&D. De gemeenten zeggen de markten waardevol te vinden, laat ze dan ook meedenken over oplossingen om deze te behouden.”

Rondvaartboten

Tot twee jaar geleden verstrekten de meeste gemeenten marktondernemers nog overeenkomsten voor onbepaalde tijd. Dat veranderde nadat het Europese Hof eind 2016 ’eeuwige’ vergunningen in de ban deed. Achterhuis: „Die zaak ging over schaarse vergunningen voor rondvaartboten. Omdat de uitspraak echter geldt voor alle lokale vergunningen, raakt het ook de ambulante handel.”

“Ze worden tureluurs van de verschillende voorwaarden”

Sindsdien is een wirwar van vergunningen ontstaan, zo signaleert de CVAH. „De ene gemeente geeft een standplaats weg voor drie jaar, de volgende voor vijf en de andere weer voor tien. Er heerst volstrekte willekeur. Omdat kooplieden vaak in verschillende gemeenten op weekmarkten staan, worden ze tureluurs van de verschillende voorwaarden. De oplossing is om in heel Nederland de bestaande contracten voor onbepaalde tijd te respecteren. Om starters te werven, moeten nieuwe vergunningen minimaal tien jaar geldig zijn”, zo betoogt Achterhuis.

Dit wordt onderschreven door kaashandelaar Harry Boomkamp, die met zijn wagen op negen Twentse markten staat. „Daar gelden acht verschillende regelgevingen.”

Boomkamp heeft naar eigen zeggen ’slapeloze nachten’ vanwege de ongewisse toekomst. „Zuidwolde overweegt al kortere looptijden en ook in andere plaatsen geldt dat wat niet is, altijd nog kan komen. Die gemeenten vergeten wel dat je failliet gaat aan de transitiekosten zodra je vast personeel moet ontslaan zodra de vergunning afloopt.”

De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) wil de duur van de vergunningen graag aan de individuele steden en dorpen overlaten. „We geven begin november wel een handleiding uit voor onze leden met de juridische kaders voor schaarse vergunningen”, zo meldt woordvoerster Angela de Jong.

Bron: De Telegraaf 22 oktober 2018

foto Ⓒ Reinier van Willigen

XYTO vanaf 2019 mediapartner van de CVAH

 

CVAH in zee met nieuwe uitgever

De CVAH gaat vanaf 2019 in zee met een nieuwe uitgever, Xyto Media in Heerhugowaard. Na negen jaar wordt het tijd voor een nieuwe make-over van de Koopman en de marktengids. Voor de realisatie van deze vernieuwde uitgaves heeft de CVAH gekozen voor een samenwerking met XYTO Media uit Heerhugowaard.

XYTO is een jonge, frisse partij met een imposante portefeuille. Samen met deze uitgever gaan we werken aan een nieuwe look. Bovendien zullen de mogelijkheden om te adverteren worden uitgebreid. Zo kunnen adverteerders in de Koopman straks ook advertenties doorplaatsen in de maandelijkse nieuwsbrief en op onze website.

Heeft u vragen over de nieuwe mogelijkheden om te adverteren? Stel ze aan de media adviseurs van XYTO. Zij zullen op korte termijn contact met u opnemen.

XYTO Media

Middenweg 453a

1704 BB Heerhugowaard

Media adviseurs:

Ruud Penning

Ruud@xyto.nl

072 82 00 601

Cynthia van Nugteren

Cynthia@xyto.nl

072 82 00 609

Eerste bijeenkomst Markt 2020 interessant én gezellig

sdr

De eerste avond van de serie van vier bijeenkomsten onder de naam Markt 2020, georganiseerd dor de BOAH, trok veel belangstelling. In het Van der Valk hotel in Houten kwamen zo’n vijftig marktondernemers en personeel bij elkaar om te brainstormen over het ondernemerschap. Het werd een boeiende avond…

Spreker op de avond was ras-ondernemer Arko van Brakel. De door de wol geverfde zakenman vertelde op een openhartige manier over zijn successen, maar nog veel meer over zijn mislukkingen. Want, zo zegt hij, daar leer je verreweg het meeste van.

Jong publiek

Van Brakel wist de zaal te boeien met zijn betoog. Wat opviel was dat het merendeel van de gasten jong was, de twintigers en dertigers waren ruim in de meerderheid en ook waren de vrouwen goed vertegenwoordigd. Ongeveer een derde van de gasten waren dames. Het is mooi om te zien dat vooral jonge marktondernemers aanwezig waren op de eerste Markt 2020 bijeenkomst. In de zaal hing een goede energie en de sfeer was prima. Positieve ondernemers, ambitieus en gemotiveerd, leergierig en vooral denkend in kansen en mogelijkheden. Het was tekenend voor de sfeer van de avond. Die was vooral gezellig te noemen!

Avond gemist?

Geen nood, er komen nog drie avonden die u kunt bezoeken. Aanmelden kan via de website van de CVAH.

Nieuwsgierig?

Een uitgebreid verslag van de Markt 2020 mét alle tips van Arko van Brakel kunt u lezen in de komende uitgave van de Koopman.

De betekenis van schaarse vergunningen

Het zal u niet ontgaan zijn, de laatste jaren is er veel onrust over het begrip ‘schaarse vergunningen’. In dit artikel gaan wij dieper in over dit begrip, want wat zijn ‘schaarse vergunningen’ nu precies?

Het begrip ‘schaarse vergunningen’ is ontstaan in 2016. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State deed twee november van dat jaar uitspraak in een zaak over een speelautomatenhal. Wat heeft dat met de ambulante handel te maken denk je dan? Nou, heel veel. Deze uitspraak heeft namelijk verregaande consequenties voor de vergunningverlening van gemeenten. Want sinds deze uitspraak mogen geen vergunningen meer worden verleend voor onbepaalde tijd. En dit heeft grote gevolgen voor marktondernemers met een vaste standplaats. Want als je geen vergunning meer krijgt voor onbepaalde tijd, heb je als marktondernemer ineens veel minder zekerheid.

Gelijke kansen

Als marktondernemer heb je ineens niet langer de zekerheid dat je vergunning die je nu hebt over een aantal jaar ook nog van jou is. De wet eist namelijk ‘Beginselen van behoorlijk bestuur’ en verlangt dat iedereen gelijke kansen moet hebben, dus ook bij het verstrekken van een vergunning. Dat maakt dat bepaalde zaken moeilijk te regelen zijn. Zoals standplaatsen. Want als een vergunning voor onbepaalde tijd wordt uitgegeven aan ondernemer A, kunnen ondernemer B en C daar niet meer staan. En dat is in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Iedereen moet in redelijke mate mee kunnen dingen naar een standplaats. Conclusie: Vergunningen voor standplaatsen kunnen alleen voor een bepaalde periode worden gegeven, bijvoorbeeld vijf, tien of vijftien jaar. Maar kun je dan als ondernemer nog verantwoord investeren in een standplaats?

Van vader op zoon

Een gemeente kan zelf invulling geven aan de duur van de vergunningen. Dat maakt het voor een ambulant ondernemer lastig. Want zo kun je in de ene gemeente waar je staat een vergunning krijgen voor vijftien jaar, terwijl dat in een andere gemeente maximaal vijf jaar is. En er zullen gemeenten zijn die de huidige vergunningen voor onbepaalde tijd (tijdelijk) zullen respecteren, terwijl andere gemeenten die vergunningen zo maar intrekken. Er zijn standplaatsen die al generaties lang in het bezit van een familie zijn en overgedragen worden van vader op zoon. Dat kan niet meer. Daar gaat dan je mooie standplaats die je jarenlang zorgvuldig hebt opgebouwd…

Stand van zaken

De uitspraak van de Raad van State uit 2016 wordt op vele manieren geïnterpreteerd. Gemeenten zijn duidelijk nog op zoek naar een manier hoe met deze regelgeving om te gaan. Er zijn gemeenten die de boel het liefst zo laten zoals het is, maar er zijn ook gemeenten die de vergunningverlening rigoureus willen aanpakken. Dat een standplaatsvergunning, ventvergunning of een marktvergunning schaars is, daar kan de CVAH niet omheen. De CVAH voert o.a. gesprekken met gemeenten die bezig zijn met het wijzigen van hun marktverordening om in ieder geval de duur van de vergunning minimaal voor 10 jaar te laten gelden. Uiteraard staat de CVAH voor het niet wijzigen van de marktverordening en adviseert de gemeenten de vergunningen te respecteren. Ook zijn er gesprekken gevoerd met de VNG (Vereniging Van Nederlandse Gemeenten) en heeft de CVAH haar standpunt ingenomen. Het bestuur van de CVAH is druk aan het lobbyen in Den Haag om de verregaande consequenties voor de ambulante handel onder de aandacht van de politiek te brengen. Eind september jl. was het bestuur tezamen met het juridisch loket van de CVAH in Den Haag op gesprek bij een beleidsmedewerker van de SGP Kamerfractie. De CVAH verwacht minimaal een geluid vanuit de politiek richting de gemeenten. De ambulante handel wordt immers onevenredig zwaar getroffen door het schaarse vergunningen besluit. Er dient meer zekerheid te komen voor onze beroepsgroep, want als er niets gebeurt lopen marktondernemers grote financiële risico’s, wordt investeren een groot probleem, zullen banken minder snel leningen verstrekken, worden vergunningen voor onbepaalde tijd zo maar afgepakt en is het beroep van marktkoopman ineens een stuk zekerheid afgenomen die het eeuwenlang heeft gehad. Het is dus alle hens aan dek om onze mooie ambacht te beschermen.

Problemen met je vergunning/verordening of op je markt?

Heb je als CVAH-lid problemen met het verkrijgen van een vergunning, gaat de gemeente waar jij een (markt)standplaatsvergunning hebt haar verordening, reglementen, beleid veranderen? Trekt de gemeente jou onbepaalde tijd vergunning in, neem dan zo snel mogelijk contact op met je afdeling of het juridisch loket van de CVAH. De CVAH helpt je graag verder.

CVAH toert ook dit jaar langs groot aantal markten

Ook dit jaar bezoekt de CVAH een groot aantal markten in het land. De marktondernemers krijgen een tas met nuttige informatie en hebben de gelegenheid om vragen te stellen. Vorig jaar bezocht de CVAH meer dan 40 markten in het hele land met als doel informatie te geven over nieuwe ontwikkelingen en vooral ook om te luisteren naar de wensen van ondernemers en medewerkers op de markt. Via deze ‘Tour de Markt’ willen we inventariseren wat er speelt en leeft op de markt, zodat we onze programma’s daarop kunnen afstemmen.

Secretaris Martie Bleeker legt uit dat het voor zowel de leden als het bestuur goed is om elkaar eens in een informele setting te ontmoeten. “Op zich zijn we bij het CVAH normaal ook goed benaderbaar, maar komen ondernemers er misschien niet aan toe om telefonisch of per mail vragen te stellen of opmerkingen te maken. Dan is het goed als ze ons zien en spreken en eventueel een probleem voor te leggen.”